Diergezondheidsfonds

Bezwaarschriften afgehandeld

Er zijn ruim 1.100 bezwaarschriften tegen de heffing voor het diergezondheidsfonds (DGF) ingediend. De klachtencommissie van het PVV heeft in een lange reeks hoorzittingen bij elkaar ongeveer 140 bezwaarden gehoord. De klachtencommissie heeft adviezen gegeven aan de voorzitter van het PVV, die vervolgens beslissingen heeft genomen. Na in sommige gevallen bijna een jaar wachten zijn alle bezwaarschriften behandeld.

Uit de uitgebrachte adviezen van de klachtencommissie blijkt dat de klachtencommissie zijn best heeft gedaan om het PVV bestuur niet in de problemen te brengen. Tijdens de hoorzittingen heeft het PVV beweerd dat de LTO ook de belangen van de kleinschalige schapen- en geitenhouders behartigt. De klachtencommissie heeft zonder nader onderzoek deze uit de lucht gegrepen bewering overgenomen en daarop voortgeborduurd. De heffing is tot stand gekomen op advies van de Adviescommissie Schapen en Geiten van het PVV waarin de LTO ruim vertegenwoordigd is. Hieruit concludeert de klachtencommissie dat de heffing op een zorgvuldige manier tot stand is gekomen.

Door deze manier van redeneren kan de klachtencommissie het PVV op alle principiële punten gelijk geven. Op één, niet principieel punt, heeft klachtencommissie afwijkend geadviseerd. Bij schapenhouders is geheven bij 11 of meer schapen, waarbij de aantallen ooien, rammen en lammeren zonder onderscheid werden opgeteld. De klachtencommissie adviseert om wel een onderscheid te maken tussen ooien, rammen en lammeren. Dit betekent in de praktijk dat er vanaf 25 schapen wordt geheven. De voorzitter van het PVV heeft dit advies overgenomen en op basis van een hertelling een aantal houders hun geld teruggegeven. Dit betrof alleen de houders die bezwaar hadden ingediend.

De gang van zaken met de klachtencommissie toont nogmaals duidelijk aan dat het opleggen van de heffing voor het DGF bij het PVV niet in goede handen is. Ook al zijn de meeste bezwaarschriften afgewezen, het was geen zinloze moeite. Het PVV heeft 1.100 keer kunnen lezen en in een 50-tal hoorzittingen nog eens 140 keer kunnen horen over de onrechtvaardige afwenteling van de kosten op de kleinschalige houders. Ook LNV en de andere betrokken partijen is dit niet ontgaan. Dit sterkt ons in het overleg over het diergezondheidsfonds in de volgende periode (2010-215) dat nu op gang komt. De kleinschalige houders mogen niet nog een keer in een positie komen, dat zij zijn overgeleverd aan de willekeur van een instantie als het PVV, dat zich aan de rafelrand van ons democratisch bestel bevindt.